De 24 Uur van Le Mans heeft altijd verrassingen in petto. Neem nu Peugeot. Dat merk vierde dit jaar de honderdste verjaardag van zijn eerste deelname aan ’s werelds bekendste etmaalrace, maar had op 13 en 14 juni weinig reden tot feesten. De 9x8 Evo, die een maand eerder in de 6 Uur van Spa nog zo goed uit de verf was gekomen, holde op het Circuit de la Sarthe hopeloos achter de feiten aan.

Al even bizar was dat Ferrari, toch de winnaar van de voorbije drie edities, nooit écht een vuist kon maken – de befaamde ‘balance of performance’, waarmee organisator ACO succesvolle teams benadeelt om de spanning te garanderen – zal daar wel niet vreemd aan zijn.
Spektakelstuk op het scherp van de snee
En spannend werd deze 98e editie vast en zeker. Zo maakte Genesis een meer dan geslaagd debuut: al kon het de lijn van zijn uitstekende kwalificatie niet helemaal doortrekken in de race zelf, het speelde wel een mooie bijrol, net als de Aston Martin Valkyries en hun heerlijke V12. Alpine leek even in de running voor het podium, maar moest uiteindelijk de rol lossen – al mogen de Fransen zeker tevreden zijn met hun knappe zesde plaats.

Helemaal voorin maakten BMW, Cadillac en Toyota er een heerlijk spelletje haasje-over van, waarbij voor elke seconde geknokt werd in een strijd op leven en dood. Een spektakelstuk om van te smullen dat uiteindelijk in zijn finale plooi werd gelegd door een neutralisatie in het slot van de race, waardoor de Toyota met startnummer 7 (bestuurd door Mike Conway, Kamui Kobayashi en Nick de Vries) plots de leiding in handen kreeg om die niet meer af te geven.
En zo werd het aloude gezegde dat “Le Mans zelf zijn winnaar kiest” weeral bewaarheid. Al doen we daarmee afbreuk aan Toyota, want misschien waren de Japanners gewoon wel strategisch de slimste? In ieder geval is de zege een mooie opsteker voor Toyota, dat nu zes overwinningen in Le Mans achter zijn naam heeft staan.
