Zich aanmelden

Met Facebook aanmelden

of

Uw informatie is niet correct.
Ik meld me aan Wachtwoord vergeten?
Uw Facebook-account is niet verbonden aan een account op de site. Schrijf je van tevoren in

Als u zich net hebt geregistreerd bij Facebook, laadt u de pagina over enkele ogenblikken opnieuw terwijl uw registratie volledig is geactiveerd.

Wachtwoord vergeten?

×
Mijn wachtwoord opnieuw instellen
Je ontvangt een e-mail voor het instellen van een nieuw wachtwoord.
Geen account gekoppeld aan dit e-mailadres

Nog geen account?
SCHRIJF JE GRATIS IN.

Eerste test / Review Aston Martin Valhalla (2026) - tussen de 849 Testarossa en de F80

Geschreven door Klaas Janssens op

De Aston Martin Valhalla is een propvol F1-technologie gestoken supercar/hypercar die zich ergens tussen de Ferrari 849 Testarossa en de F80 situeert. AutoGids doet de test, op circuit en op de openbare weg.

Aston Martin omschrijft de Valhalla graag als de perfecte blend tussen een hardcore racer en een luxueuze gran turismo. Tijdens de ontwikkeling van de Valkyrie, waarvoor Aston Martin nauw samenwerkte met Red Bull Racing, zagen de Britten namelijk ruimte voor een minder hardleerse atleet, die zich ergens zou nestelen tussen klassieke supercars zoals de Ferrari 849 Testarossa en de Lamborghini Revuelto enerzijds en heuse hypercars zoals de Ferrari F80 en de McLaren W1 anderzijds.

Geen compromisloos F1-derivaat zoals de Valkyrie, maar een breder inzetbare sportieveling die overal zou schitteren en bij iedereen in de smaak zou vallen. 

LMP-racer met F1-elementen Aston Martin Valhalla

Bedwelmend mooi zouden we deze Aston Martin niet meteen noemen, al intrigeert het koetswerkontwerp wel. Koetswerkdesigner Ondrej Jirec maakt een onderscheid tussen de strakke oppervlakken die het geheel zijn elegantie bezorgen, en de technische onderbouw die instaat voor de koeling en de aerodynamica.

Het geeft de Valhalla iets van een sportprototype, met die bolle vooruit en druppelvormige cockpit. Al komt het woweffect toch vooral van aan de F1-racerij refererende designelementen: van de luchtinlaat op het dak tot de gekartelde aero-elementen op de zijschorten.

Review Aston Martin Valhalla (2026) - eerste test AutoGids

De plaatsing van de uitlaatpijpen verdient een speciale vermelding: twee centraal uit de achtersteven stekende exemplaren en nog eens twee subtiel in de achterdiffusor ondergebrachte einddempers. Van een bumper is geen sprake, de crashstructuur werd ondergebracht in de enorme diffusor met flink uit de kluiten gewassen venturisleuven.

De achterlichtblokken zijn opgebouwd uit transparante elementen, zoals we dat voor het eerst zagen op de enkel voor circuitgebruik gebouwde Vulcan uit 2016. De horizontale lamellen op de opengewerkte voorzijde zorgen er intussen voor dat de Valhalla, ondanks zijn afwijkende middenmotorconcept, stilistisch aansluiting vindt bij de rest van het Aston Martin-gamma.

Actieve aerodynamica Aston Martin Valhalla

Al volgt de vorm zowat altijd de functie, want achter die elegante neus schuilen actieve spoilerflaps die zich in de zoektocht naar extra downforce kunnen oprichten onder een hoek van 45 graden – een beetje zoals in de Formule 1. Toch is het vooral de actieve achterspoiler die een diepe buiging verdient.

Zolang je de Track-modus onaangeroerd laat, maakt die vleugel zowat integraal deel uit van het gestrekte achterwerk. Maar activeer de circuitstand en het ding richt zich sierlijk en strijdvaardig op: hydraulische actuatoren duwen de spoiler dan met 25,5 centimeter naar boven, met als doel een minimum aan luchtweerstand te paren aan een maximum aan downforce.

Review Aston Martin Valhalla (2026) - eerste test AutoGids

Bij 240 km/u is er sprake van 610 kilogram aan neerwaartse druk, een waarde die de Valhalla vasthoudt tot aan zijn topsnelheid van 350 km/u door de vleugelstand voortdurend te veranderen. Dat garandeert een stabiel en voorspelbaar weggedrag, ook bij een zeer hoog tempo. Nog meer downforce zou er niet alleen toe leiden dat deze Aston Martin een lagere top zou halen, maar de ingenieurs ook nopen tot een strakkere ophangingsset-up.

En dat zou nefast geweest zijn voor het rijcomfort op de openbare weg. Hoe dan ook is het een plezier om de achterspoiler te zien bewegen in de digitale achteruitkijkspiegel, van een nagenoeg horizontale positie in de DRS-stand tot een scherpe hoek van 51,5 graden wanneer je vol in de remmen gaat en de vleugel als luchtrem fungeert.

Eenvoudig instappen en wegwezen Aston Martin Valhalla

Aan drama heeft de Valhalla sowieso geen gebrek, want ook de zwierig naar boven zwaaiende deuren hebben meer elegantie dan de gemiddelde ballerina – je moet alleen weten waar het piepkleine knopje staat om ze eerst te ontgrendelen. Dankzij de verlaagde dorpels, de uitsparingen in de dakconstructie en de ver naar voren geplaatste A-stijlen verloopt in- en uitstappen vlotter dan bij de meeste super- en hypercars.

Natuurlijk is alles relatief, want de stijve zijwanden van de uit carbon opgetrokken zitjes zijn een gesel voor je billen. Die stoeltjes zijn aan de basisstructuur bevestigd; de ideale rijpositie verkrijg je door het afgeplatte stuur en de smalle pedalen te verstellen. Je zit wat onderuitgezakt, met je voeten in de lucht. En je kijkt op een eenvoudig en doeltreffend vormgegeven instrumentengeheel, met een lay-out die geïnspireerd is door de display die Aston Martin voor zijn F1-bolides gebruikt.

Review Aston Martin Valhalla (2026) - eerste test AutoGids

De belangrijkste data staan voor je neus; wil je ook het navigatieysteem gebruiken of de werking van de hybride aandrijving volgen, dan moet je op het centrale scherm van het infotainment kijken. Hoewel de Britse sportwagenbouwer zich graag aan Ferrari spiegelt, doet het uit carbon vervaardigde stuur het zonder manettino-achtige schakelaar: de rijmodi selecteer je hier via de draai-en-drukknop op de middenconsole.

De Valhalla houdt het bij vier standen, inclusief een Pure EV-setting waarbij deze Aston Martin gedurende een 12-tal kilometer elektrisch rijdt – enkel aangedreven op de voorwielen. In Sport kun je spreken van een hybride werking waarbij de efficiëntie primeert, in Sport+ wordt de elektrische energie vooral gebruikt om de prestaties een extra boost te geven. En dan heb je nog Track natuurlijk.

Hybride AMG-motor van +1.000 pk Aston Martin Valhalla

In tegenstelling tot de Aston Martin van Fernando Alonso, de Spaanse F1-rijder die in een ver verleden rondjes reed rond Michael Schumacher en zo twee wereldtitels verzamelde, doet de Valhalla het niet met een hybride V6 van Honda-origine, wel met een door drie elektromotoren ondersteunde V8 van AMG-makelij.

Het vierliterblok krijgt een smering via droog carter, een vlakke krukas en grotere turbo’s, waarvan het turbogat weggewerkt wordt door de torque-fill-functie van de centrale elektromodule. De verbrandingsmotor levert in zijn eentje al een gezonde 828 pk, de elektromotoren zijn samen goed voor nog eens 251 pk.

Review Aston Martin Valhalla (2026) - eerste test AutoGids

Twee van die elektromotoren drijven de vooras aan, terwijl een derde geïntegreerd is in de gloednieuwe, in eigen beheer ontwikkelde DCT-versnellingsbak met acht verhoudingen. Van een fysieke achteruit is geen sprake, wie achterwaarts wil inparkeren, doet dat op stroom (en met een klein hartje, gelet op het gebrekkige zicht rondom).

Er is geen mechanische verbinding tussen voor- en achteras, in plaats daarvan regelt een elektronisch systeem continu de krachtoverbrenging, met onder meer torque vectoring vooraan en een elektronisch sperdifferentieel achteraan. Maximaal 25 procent van het koppel gaat naar de voorwielen, zodat het achterwielaangedreven karakter niet in het gedrang komt. 

Pushrod-ophanging met inboard-dempers Aston Martin Valhalla

Aston Martin bouwde de Valhalla op rond een volledig nieuwe monocoque uit koolstofvezel, een structuur die een hoge stijfheid combineert met een laag gewicht: de basis weegt slechts 74,2 kilogram en draagt bij tot een totaalgewicht van 1.655 kilogram. Dat resulteert in een verhouding vermogen-gewicht van 652 pk per ton.

Vooraan vind je een pushrod-ophanging zoals in de autosport, met inboard geplaatste schokdempers. Die keuze verbetert niet alleen de luchtstromen rond de wielkasten, maar creëert ook extra ruimte voor de elektromotoren en hun koeling. Achteraan wordt gekozen voor een multilinkophanging, gecombineerd met adaptieve schokdempers die zich aanpassen aan de gekozen rijmodus.

Review Aston Martin Valhalla (2026) - eerste test AutoGids

Zelfs in de Track-stand heb je daarmee niet de indruk in een racewagen te zitten die over elke kiezel ketst. Geholpen door de actieve aerodynamica geeft het koetswerk geen krimp, hoeveel G-krachten je ook ontwikkelt tijdens het accelereren of het remmen, of terwijl je razendsnel door de bochten scheurt.

Neem de kerbstones wat enthousiast mee in een poging scherpe rijlijnen te trekken en de ophanging incasseert die rammeling met de glimlach. En dat doet deugd gezien het tempo waarmee we onderweg zijn.

Laserprecies sturen, bijzonder veel grip Aston Martin Valhalla

De stuurinrichting is fenomenaal: niet te licht noch te zwaar, en laserprecies zonder nerveus te worden. Hoewel we de eerste rechtse induiken met een snelheid van 250 km/u, kunnen we de apex precies strelen waar we dat willen.

In de kortere bochten voel je dat de elektromotoren op de voorwielen de wagen eerst stabiliseren vooraleer hem dwingend door de bocht te trekken, waarna de door een sper gedirigeerde achterwielen de enorme V8 rond de centrale as lijken te duwen en je weer aan het knallen bent. Desgewenst met spinnende banden, maar dat oogt zo vulgair.

Review Aston Martin Valhalla (2026) - eerste test AutoGids

De Valhalla staat op 20-duimers vooraan en 21-duimers achteraan, rond velgen van gesmeed aluminium gewikkelde Michelins van het type Pilot Sport S 5. Na een ronde of vijf beginnen die een beetje te glijden, wat nefast is voor eventuele rondetijden, maar wel weer wat extra rijplezier schenkt.

Wie het potentieel van de Valhalla helemaal wil bevrijden, kan opteren voor uit magnesium vervaardigde velgen die de onafgeveerde massa met nog eens 12 kilogram verlagen, desgewenst in combinatie met nog kleveriger Pilot Sport Cup 2-rubber. Dan heb je meer grip, maar op de limiet wat minder controle. Tenzij je Fernando Alonso heet.

Meegaand op de openbare weg, maar waar is de koffer? Aston Martin Valhalla

Nu is de Valhalla geen racewagen – of toch niet alleen. Ook op de openbare weg staat deze Aston Martin zijn mannetje. Toegegeven, de slingerende wegen rond Los Acros lagen er netjes bij en van enig verkeer was nauwelijks sprake.

En dat helpt, zeker als je door een slapend dorpje glijdt, want door de lage zitpositie en het brede achterwerk is het zicht rondom beperkt.

Review Aston Martin Valhalla (2026) - eerste test AutoGids

Het liftsysteem dat de kwetsbare neuspartij over verkeersdrempels tilt, hebben we onderweg niet nodig gehad. Weet wel dat de stoel van de passagier bijklust als bagagecompartiment, want van een koffer is geen sprake.

Dat de Valhalla zou excelleren op het circuit, hadden we durven te voorspellen, maar dat deze propvol F1-technologie gestoken supercar/hypercar zich zo graag door de bergen en zo elegant - desgewenst elektrisch gedurende een kilometer of 10 -  door de binnenstad zou laten leiden, maakt pas écht indruk.

Stevige prijs, gelimiteerde oplage Aston Martin Valhalla

De linkt met de F1 rendeert, ondanks de voorlopig desastreuze seizoensstart: 15 procent van de verkochte Valhalla-exemplaren wordt geleverd in het Podium Green van de racewagens. Bovendien blijkt deze tot 1.000 exemplaren gelimiteerde supercar klanten te vinden die nog niet eerder een Aston Martin in hun garage hadden staan. En dat ondanks een prijskaartje van meer dan 1 miljoen euro...

Conclusie Aston Martin Valhalla

Hij is vernoemd naar een speciale plek in de hemel waar enkel de dappersten der gevallen strijders verzamelen, maar de Aston Martin Valhalla gunt zijn bestuurders dat voorrecht al bij leven. Wat een machine.

Verwante testen

In dit artikel :

Hoofdredacteur AutoGids

Instagram: @kjanssens_pro

Tests

Onze tests

Beoordelingen

Laatste beoordelingen van eigenaars