Even leek het erop dat de Europese auto-industrie zich qua kleine EV’s helemaal onder de voet zouden laten lopen door de Chinese uitdagers, met hun agressieve prijzenbeleid en hun technologische voorsprong. Tot bij die westerse merken het bewustzijn groeide dat ze, anders dan die nieuwe uitdagers, kunnen terugvallen op een rijke merkgeschiedenis, met vaak ronkende namen die bij veel klanten nog warme associaties oproepen. Een besef dat Renault deed beslissen om de oude R5 van onder het stof te halen, en dat bleek zo’n overweldigend succes dat ze bij het Franse merk meteen besloten om het trucje nog eens dunnetjes over te doen met de R4. Al hoort daar wel een kanttekening bij: terwijl die oude 4L onder de 5 gepositioneerd werd, geldt voor hun moderne E-Tech Electric-interpretaties net het omgekeerde. En terwijl de kleinste van de twee visueel dicht aanleunt bij het origineel, is deze elektrische 4 een veel vrijere interpretatie van zijn naamgenoot van weleer.
Het verhaal bij Fiat leest iets anders, in die zin dat de Panda terug is van nooit echt weggeweest: sinds zijn lancering in 1980 is hij onafgebroken in productie geweest, verspreid over meerdere generaties weliswaar. Al geldt ook hier dat deze elektrische Panda vooral uiterlijk de link legt met zijn origineel, want hij is om te beginnen een stuk groter – niet voor niks kreeg hij het prefix ‘Grande’ opgespeld. Hoe dan ook, met hun neoretro design bespelen de Grande Panda Electric en de 4 E-Tech Electric dezelfde gevoelige snaar – hoewel ze qua positionering niet helemaal op dezelfde lijn zitten, koken ze wel met vergelijkbare ingrediënten. En toch smaakt het resultaat helemaal anders…
In dit artikel : Fiat, Fiat Grande panda , Renault, Renault 4