De laatste tijd lijkt het alleen nog maar te gaan over de opmars van de elektrische auto in Europa. Nu klopt dat ook wel, maar enige nuancering is toch op zijn plaats. Want de verbrandingsmotor heeft verre van afgedaan, integendeel. Meer nog, voor de particulier, die zelf zijn auto moet bekostigen, blijft een benzine of een (mild)hybride vaak bijna een evidentie.
De cijfers voor 2025 van ACEA, de Europese vereniging van autobouwers, liegen er niet om. EV’s namen vorig jaar weliswaar al 18 procent van de totale Europese verkoop voor hun rekening (te vergelijken met de 13,6 procent van 2024 en de verwaarloosbare 0,6 procent van zes jaar geleden), maar daarmee scoren ze nog altijd minder goed dan de (mild)hybride en de klassieke benzinemotor zonder elektrische ondersteuning: die categorieën zijn goed voor respectievelijk 34,6 en 26,6 procent van de Europese verkoop. Tussen haakjes: de diesel kwijnt verder weg, met een marktaandeel van nog geen 9 procent.
K4 vervangt de Kia Ceed
Gelijkaardige trends zijn ook in België zichtbaar. Bij ons is de benzinemotor de grote publiekslieveling volgens de statistieken van sectorfederatie Febiac (de diesel haalt hier te lande zelfs geen 3 procent meer). Omdat tenslotte niet iedereen het voorrecht geniet om een door zijn werkgever betaalde EV onder het achterwerk geschoven te krijgen. En dus blijft de benzinemotor – mét of zonder milde elektrische ondersteuning – van cruciaal belang voor de mainstreamconstructeurs.
Kia heeft dat trouwens perfect begrepen toen het zijn populaire Ceed moest vervangen, toch het model dat (samen met de Sportage) de Koreaanse constructeur min of meer op de kaart heeft gezet in Europa. Op de assemblagelijnen in het Slovaakse Zilina, waar de Ceed altijd van de band rolde, wordt nu de elektrische EV4 gebouwd (samen met de kleine EV2 trouwens). De niet-elektrische tegenhanger – die K4 werd gedoopt – draagt daarentegen een exotischer paspoort: hij wordt in elkaar geschroefd in het Mexicaanse Pesqueria. Al sinds 2023 trouwens. Want de naam K4 mag in Europa dan al nieuw zijn, in Noord-Amerika rijdt dit model – als vierdeurs – al sinds 2024 rond.
Wereldauto, maar aangepast aan Europa
Uiteraard kun je een Amerikaanse auto hier niet zomaar even in Europa droppen zonder de nodige wijzigingen door te voeren. Kia’s technische centrum in het Duitse Offenbach heeft de K4 dan ook grondig tegen het licht gehouden om het model aan te passen aan de verwachtingen op ons continent, waar gebruikers toch iets meer belang hechten aan rijdynamiek.
Van de afstellingen van veren, schokdempers, stuur en antirolstangen tot de motorsteunen, het werd allemaal herwerkt om een nauwkeuriger weggedrag en een betere koetswerkcontrole te bekomen. Het resultaat is dan ook een heel eind verwijderd van de soms buitensporige soepelheid waarop ze in de States zo tuk zijn.
Een stuk groter dan een VW Golf
Die Amerikaanse genen schemeren wel nog door in het formaat van de K4. Met een lengte van 4,44 meter is de Kia een van de grootste hatchbacks in het C-segment – een VW Golf, traditioneel toch de benchmark in deze categorie, is bijvoorbeeld 16 centimeter korter.
Naast langer is de Koreaan ook breder én lager dan zijn Duitse rivaal, wat hem een potig voorkomen geeft, met bijzonder geslaagde proporties. Zijn lange, lage en brede neus, zijn naar achteren geschoven cabine en zijn riante wielbasis verlenen hem een rank profiel, waarbij het ‘zwevende’ dak en de in de C-stijlen weggewerkte achterste deurgrepen voor nog wat meer dynamisch cachet zorgen.
Voor de rest knoopt de K4 aan bij de jongste vormtaal van Kia: ook hij neemt de Star Map-lichtsignatuur en de nieuwe interpretatie van het Tiger Nose-radiatorrooster over, zoals die geïntroduceerd werden door de grote EV9. Dat zorgt voor een krachtige uitstraling die de auto onmiddellijk als Kia herkenbaar maakt – uiterst geslaagd, als je het ons vraagt. Overigens krijgt deze vijfdeurs heel binnenkort ook nog versterking van een breakuitvoering; de vierdeursvariant van de K4 blijft daarentegen aan de andere kant van de Atlantische Oceaan.
Foto’s: Jonathan Godin
- Prima balans tussen comfort en dynamiek
-
Verhouding prijs-uitrusting en prijs-kwaliteit
-
Binnenruimte voor- en achterin
- Relatief hoge CO2-uitstoot
-
Instap voorin (A-stijl)
-
Verbruik bij sportieve rijstijl