- Score redactie 15.30 /20
Eerste vaststelling in het interieur: de kwaliteitsindruk staat weer op Audi-niveau. Of het nu gaat om de gebruikte materialen of om hun assemblage, alles ademt premium (op enkele harde kunststoffen voor niet rechtstreeks zichtbare delen na). Wij zijn ook wel fan van de nieuwe opstelling van de twee schermen (van 11,9 en 12,8 duim), die samen onder één, gebogen afdekglas zitten en zo bijdragen tot de horizontale indruk van het dashboard. Alles is duidelijk, helder en intuïtief.
De gerobotiseerde versnellingsbak bedien je met een hendel rechts van het stuur; aan de linkerzijde bundelt een nieuwe cluster de knoppen voor de ruitenwissers, de richtingaanwijzers en de lichten. In het begin is dat wat prutsen – zeker omdat sommige knoppen aan de kleine kant zijn – maar na een tijd raak je eraan gewend, en uiteindelijk wordt het zelfs een meerwaarde dat je al die dingen kunt bedienen met je vingertoppen zonder je handen van het stuur hoeven te halen.
Sportback-effect
De stoelen zitten uitstekend – toch de exemplaren van onze testauto – en op de rijhouding valt niks aan te merken. Gezien de gepeperde rekening is het wel ongehoord dat je ze nog altijd manueel in de hoogte moet verstellen… Aan plaats achterin geen gebrek, temeer omdat de bank verschuifbaar is over 15 centimeter en de rugleuning qua hellingshoek verstelbaar is. Ook de hoofdruimte stelt geen probleem, ondanks de sneller aflopende daklijn van de Sportback.
Het enige tastbare nadeel van die koetswerkvariant is dat hij ten opzichte van de gewone Q3 ongeveer 100 liter aan maximumlaadvolume moet inboeten: 1.289 tegenover 1.386 liter. Een verschil dat volledig op conto van de schuinere achterruit komt; onder het bagagescherm bieden beide koetswerkvarianten een laadvolume van 488 liter, dat kan oplopen tot 575 liter met de achterbank helemaal naar voren geschoven. Verder telt het interieur genoeg en handige opbergruimtes.